Leeswijzer

Opbouw van het onderzoek

Dit onderzoek is opgebouwd volgens een stapsgewijze benadering waarin begrijpen, beoordelen en verbeteren elkaar opvolgen. De verschillende perspectieven bouwen logisch op elkaar voort. Hetzelfde vraagstuk wordt daarom niet telkens herhaald, maar steeds vanuit een andere invalshoek benaderd. Eerst wordt onderzocht hoe de huidige situatie is ontstaan, vervolgens hoe het democratische bestuurlijke bestel zich verhoudt tot de maatschappelijke werkelijkheid, daarna welke fundamentele inzichten daaruit voortkomen, hoe de kwaliteit van het bestuurlijke bestel kan worden beoordeeld en ten slotte welke mogelijkheden er zijn voor democratische verbetering.

Begrippenkader

Voorafgaand aan de perspectieven worden de belangrijkste begrippen uit het onderzoek kort omschreven. Het begrippenkader verduidelijkt de betekenis en onderlinge samenhang van de centrale begrippen die in de verschillende perspectieven worden gebruikt.

Perspectief I – Het verhaal van de spanning

Het eerste perspectief beschrijft de historische ontwikkeling van de democratie. Daarbij wordt zichtbaar hoe verschillende opvattingen over bestuur, samenleving en politieke legitimiteit zich vanaf de Griekse oudheid hebben ontwikkeld. Centraal staat de blijvende spanning tussen bestuurlijke ordening en maatschappelijke werkelijkheid.

Perspectief IIA – Historische analyse

In dit perspectief wordt onderzocht hoe de fundamentele spanning tussen top-down ordening en bottom-up oordeelsvorming zich historisch heeft ontwikkeld. Daarbij wordt zichtbaar hoe deze spanning heeft doorgewerkt in politieke filosofie, bestuursmodellen en democratische instituties.

Perspectief IIB – Bestuur en werkelijkheid

In dit perspectief verschuift de aandacht naar het functioneren van het huidige democratische bestuurlijke bestel. Centraal staat de vraag hoe bestuur zich verhoudt tot de maatschappelijke werkelijkheid waarop het betrekking heeft. Daarbij worden onder meer de rol van informatie en bestuurlijke beeldvorming, de positie van bestuurders, de betekenis van de uitvoeringspraktijk, terugkoppeling en de rol van het maatschappelijk middenveld onderzocht.

Perspectief III – Filosofische herbezinning

In dit perspectief worden de belangrijkste inzichten uit de historische en bestuurlijke analyse samengebracht. De centrale vraag luidt hier: wat leren deze analyses ons over de verhouding tussen democratie, bestuur en werkelijkheid? Dit perspectief bevat de fundamentele inzichten die uit het onderzoek voortkomen, waaronder het belang van professionele oordeelsvorming en het beginsel dat verantwoordelijkheid niet los kan worden gezien van passende handelingsruimte en bevoegdheid.

Perspectief IV – Kwaliteit van het democratische bestuurlijke bestel

In dit perspectief worden de inzichten uit de voorgaande analyses samengebracht in de vraag wat bepalend is voor de kwaliteit van het democratische bestuurlijke bestel. Daarbij wordt de samenhang zichtbaar die uiteindelijk de bestuurlijke kwaliteitscyclus vormt: van bestuurlijke beeldvorming, beleidsvorming en besluitvorming via de professionele vertaling naar de maatschappelijke werkelijkheid, en van daaruit via terugkoppeling, reflectie en leren naar bijstelling van bestuurlijk beeld, beleid en uitvoering.

Perspectief V – Democratische verbetering

In dit perspectief worden de inzichten uit het onderzoek vertaald in vijf samenhangende kwaliteitsaanbevelingen voor democratische verbetering. Deze richten zich op de ruimte voor de maatschappelijke werkelijkheid bij beleidsvorming, de positie van professionals in de uitvoering, terugkoppeling en leren, kwaliteit als basis voor effectiviteit en efficiëntie en de borging van kwaliteit vanuit het hoogste verantwoordelijke gezag. Niet het ontwerpen van een nieuw systeem staat centraal, maar het verbeteren van de kwaliteit van het bestaande democratische bestuurlijke bestel.

Het onderzoek vertrekt vanuit een historische, filosofische en bestuurlijke analyse, maar mondt uiteindelijk uit in één centrale vraag:

Hoe kan de kwaliteit van het democratische bestuurlijke bestel worden versterkt en daarmee bijdragen aan democratische verbetering?

Deze vraag vormt de rode draad die de verschillende perspectieven met elkaar verbindt.