netwerktheorie

Bron:  “Management in Netwerken” door Hans de Bruijn en Ernst ten Heuvelhof

 

Tabel 1.Kenmerken HIERARCHIE versus NETWERK
  Hiërarchie Netwerk *
1 Uniformiteit Pluriformiteit
2 Eenzijdige afhankelijkheid Wederzijdse afhankelijkheid
3 Openheid/ontvankelijk voor hiërarchische signalen Geslotenheid voor hiërarchische signalen
4 Stabiliteit Dynamiek

* Voor het netwerk zijn in tabel 5 de kansen en bedreigingen aangegeven

 

Tabel 2. Besluitvorming HIERARCHIE versus NETWERK
  Hiërarchie Netwerk
1 Regelmatig en volgtijdelijk Onregelmatig en geen duidelijke opeenvolging van activiteiten
2 fasen Ronden
3 Actoren zijn stabiel Actoren treden in en uit
4 Eén arena, proces heeft begin en eindpunt Meer arena’s, geen geïsoleerd begin en eindpunt
5 Inhoud probleem stabiel Inhoud probleem verschuift
6 Prikkel om problematiek als gestructureerd te beschouwen. Beperkt aantal oplossingen Prikkel om problematiek als ongestructureerd te beschouwen. Ongestructureerd kent nooit één juiste oplossing
7 Consistentie en voorspelbaarheid Meebewegen en onvoorspelbaarheid
 

Tabel 3.Taalgebruik HIERARCHIE versus NETWERK

  Hiërarchie Netwerk
Daadkracht, duidelijkheid, visie tonen, doorpakken, durf tonen Interactie, duwen en trekken, hoofdzaken worden bijzaken en andersom, kans vandaag is morgen vervlogen, het gaat zoals het gaat, geluk afdwingen, grillige besluitvorming. Maar ook manipuleren, politieke spelletjes
Tabel 4. Evaluatie HIERARCHIE versus NETWERK
  Hiërarchie Netwerk
1 Projectmatige besluitvorming Procesmatige besluitvorming
2 Zijn vooraf geformuleerde doelstellingen gerealiseerd Zijn partijen tevreden? Zijn problemen opgelost? Is er geleerd. Zijn er vertrouwensvolle relaties voor de toekomst ontstaan. Is proces fair verlopen.
3 Evaluatie is ex post activiteit Evaluatie is voortdurend proces, monitoring
Tabel 5. De Kansen en bedreigingen die een NETWERK in zich heeft
    Bedreigingen Kansen
1 Pluriformiteit *Beperkt bereik interventies*De beheersbaarheid kent zijn grenzen*Herinterpretatie mogelijk *Trefkans bij een deel van de partijen verhoogd- er is altijd wel een partij gevoelig- inhoudelijk lerend effect krijgt kans- lerend effect op de relaties en hun invloed/macht*Verdeel en heers ; samenwerking is niet vanzelfsprekend*Herinterpretatie: constructieve ambiguïteit, voortschrijdend inzicht

 

2 Geslotenheid *Interventie ketst af op geslotenheid en ritualiseert *Verworven steun van gesloten partij betekent dat de kracht van deze partij kan worden benut.*Functionele herinterpretatie
3 Interdependentie *Risico van hit en run*Onoverzichtelijkheid en stroperigheid*Armoedige inhoudelijke besluitvorming *Prikkel tot gematigd gedrag*Complexiteit geeft ruilmogelijkheden*Inhoudelijke verrijking
4 Dynamiek * mogelijkheid van chaos *opent mogelijkheden

Betrouwbaarheidsmatrix

 

 

SPELREGELS

 

Tabel 6: Spelregels die betrekking hebben op de positie van de partners
1 Niet dansen op het lijk, de verliezer dient respect
2 Kernwaarden van de partners niet aantasten
3 Partners moeten de uitkomst van het proces inhoudelijk kunnen legitimeren bij hun achterban
4 De machtigste partij dient zich terughoudend op te stellen
5 Zet je in voor de verliezer
6 Respecteer het principe van reciprociteit: “voor wat hoort wat”
7 Handel proportioneel

 

 

Tabel 7: Spelregels die betrekking hebben op het proces van de besluitvorming
1 Toon respect voor het ritueel
2 Schaak niet op twee borden tegelijk
3 Gedurende het proces ontstaat een verbod op de exit optie en een verplichting tot besluitvorming
4 Respecteer procedures: geen tussentijdse wijziging van de spelregels
Evaluatie
  onderwerp commentaar
    Slecht matig goed
1        
2        
3        
etc